Hoogaarsjacht De Wet anno 1909
 
  De Wet is een van de laatste vijf grote hoogaarsjachten, die zich weer in goede staat bevinden. Het schip werd in 1909 op de werf van Jacob Stam te Nieuw-Lekkerland oorspronkelijk opgezet als vissersvaartuig. Tijdens de bouw, nog op de helling staande, kocht een engelsman het schip en liet het als jacht afbouwen. Achter de mast werd naar Hollands model een sierlijke roef gebouwd en ook de verdere afwerking geschiedde naar de beste Hollandse tradities. De hoogaars had oorspronkelijk
  een lengte van 14.15 m. over de stevens, de grootste breedte bedroeg 4.26 m. en met het roer geheel omlaag bedroeg de diepgang 1,22 m. De meeste hoogaarzen werden in die tijd uitgerust met een 'vissend' roer. Vanwege de geringe diepgang van het achterschip stak het roer wat dieper onder water. Als het schip droogviel, zoals meestal in een tijhaven, werd het roer opgehaald. De eerste thuishaven werd Falmouth in Zuid-Engeland. Tijdens de Engelse periode van De Wet was het schip van 1911-1913 eigendom van A.C. Hughes, van 1914-1915 Bryan R. Waite, 1915-1920 Frank L. Teed, die de naam veranderde in Dame Isabel. Van 1921-1927 Walter Townend, 1928-1938 F.B. Pitcher, 1939-1953 Raymond P.Powell, 1954-1959 H.E. Clark, 1960 1963 L.A.J. Koenan, die de naam veranderde in Loreley Of London en in 1961 Loreley. Van 1964-1972 Michael Bennett, 1973-1975 A.E. Downs. (Informatie ontvangen van Lloyd's Register of Shipping) Bryan Waite was een journalist voor het bekende Engelse watersporttijdschrift Yachting Monthly. Doordat hij over dit schip heeft gepubliceerd is er over deze periode nog het e.e.a. bekend. In 1976 kwam het schip weer in Nederland terecht onder de naam Dame Isabel.
  In 1988 kocht Willem van Eeken uit Neede het schip en liet bij Joh.v.d. Meulen in Sneek een grondige restauratiebeurt uitvoeren. Hierbij werden grote delen van de boorden (huidgangen) en het hele achterschip volledig vernieuwd. In de winter van 92-93 werd door Peter Schouten het hele voorschip vernieuwd: voorplecht, interieur vooronder, mastkoker, zeilwerk en een nieuw zwaard. In de winter van 93-94 werden een groot aantal knieen en klossen in het middenschip vervangen, evenals de boeisels en berghouten van voor tot achter! Ook werd de oude Yanmar van 28 PK vervangen door een Yanmar 60 PK. Genoemde restauraties hebben van dit schip weer een snelle zeiler gemaakt. Door haar karakteristieke model en het vele nieuwe teak- en eikehout kan De Wet zich thans presenteren als een waardig en zeker het meest representatieve jacht van de Zeeuwse wateren.